dinsdag 21 juli 2015

Gras en graan


De mens kan geen gras verteren. Hij bezit namelijk geen verteringssappen die de wand van een plantaardige en de vaatbundels (nerf) kunnen afbreken. Deze bestaan voornamelijk uit cellulose.

Planteneters kunnen dit wel, dankzij de aanwezigheid van micro-organismen in hun maag-darmkanaal. Bij herkauwers, zoals de koe, het schaap, de wisent, de bizon en de gnoe vindt deze microbiële vertering (fermentatie) plaats in de voormagen (netmaag, pens en boekmaag).

Bij andere planteneters zoals paard en olifant, vindt deze fermentatie plaats in de dikke darm.

De mens eet alleen de zaden van grassen. Die bevatten geen cellulose, maar hoofdzakelijk zetmeel. Soms kunnen de zaden tot wel 20% suiker bevatten, zoals bij suikermais, waarvan de onrijpe zaden als groente gegeten wordt. Door selectie en veredeling zijn grassoorten ontstaan, die zo veel mogelijk energie in zaadproductie stoppen in plaats van in celwanden en nerven.

cis-3-hexenol of bladalcohol is een eenvoudige organische verbinding die verantwoordelijk is voor de geur van versgemaaid gras en de smaak van groene thee. 
Het behoort tot de stofklasse der alcoholen en  komt gewoonlijk voor in lage concentraties in diverse, voornamelijk groene planten. Het heeft een aantrekkingskracht op plantenetende insecten. Vandaar de triviale naam bladalcohol.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten